Manisch depressief

Wat is manisch depressief en wat kun je er tegen doen?

Manisch depressief klachten

Als je manisch depressief bent, dan heb je een bipolaire stoornis (manisch-depressieve stoornis). Bij een bipolaire stoornis wisselt de stemming sterk tussen twee extremen: heel erg uitgelaten of juist heel erg neerslachtig. De periode waarin je heel erg uitgelaten of opgewonden bent heet manie of hypomanie. Je bent dan overdreven vrolijk, maar kan ook snel boos zijn. Je houdt dan geen rekening met de consequenties van je gedrag. Je hebt het gevoel alles aan te kunnen. Het verschil tussen manie en hypomanie is dat mensen in een manie ook last kunnen hebben van psychotische verschijnselen en van sociale en relationele problemen; bij hypomanie niet.

De periode waarin je zeer somber bent, heet depressie. Lees hier meer over een depressie. Bij mensen die manisch depressief zijn is de stemming tussen de twee periodes vaak normaal. De uitgelaten of prikkelbare periode duurt een paar dagen tot een paar weken. Sommige mensen hebben meer last van depressies, anderen meer van manieën. De variatie in klachten is groot. Per persoon is meestal wel een vast, duidelijk herkenbaar patroon te ontdekken, al is dit vaak pas na verloop van tijd. De wisselende stemmingen zijn een flinke belemmering voor het doen van de dagelijkse dingen. Ook in de periode tussen manie en depressie in. Dan ga je je afvragen: wat heb ik in de vorige periode gedaan of wanneer komt het weer terug? De volgende kenmerken passen bij een manie of hypomanie:

  • een extreem uitgelaten stemming
  • overdreven vrolijk zijn
  • prikkelbaar en snel boos zijn
  • opgewonden en geagiteerd zijn
  • ruzies maken
  • minder behoefte aan slaap en/of ‘s nachts klaarwakker zijn
  • veel praten, bellen of e-mailen
  • gedachten die alle kanten opschieten
  • niet stil kunnen zitten
  • veel doen en niet kunnen stoppen
  • het gevoel hebben alles aan te kunnen
  • meer zin in seks hebben, tot seksueel ongeremd zijn
  • impulsief dingen doen zonder rekening te houden met nadelige gevolgen, bijvoorbeeld te hard rijden of te veel geld uitgeven
  • Wanen en hallucinaties (niet bij hypomanie)
  • Sociale en relationele problemen (niet bij hypomanie)

Wat kun je tegen manisch depressief zijn doen?

Nadat de diagnose manisch depressief is gesteld door de huisarts of een psycholoog, wordt de behandeling bepaald op basis van de ernst van de klachten. De diagnose manisch depressief is voor iemand zelf, maar ook voor een arts vaak lastig te herkennen. Het duurt gemiddeld zes jaar voordat de diagnose wordt gesteld, gerekend vanaf het moment dat je voor het eerst klachten krijgt. 50% van de mensen wacht langer dan 5 jaar voordat een hulpverlener wordt ingeschakeld. Bovendien zoeken ze vaak hulp voor andere problemen. Tijdens een manie voel je je over het algemeen prima en denk je niet dat je ziek bent. De verschijnselen kunnen ook zo mild zijn dat jijzelf en de mensen om je heen niet in de gaten hebben dat er sprake is van een ziekte. De diagnose wordt meestal gesteld op het moment dat er sprake is van een crisissituatie; tijdens een manische periode. Een psychiater kan aan de hand van de verschijnselen vaststellen of iemand een bipolaire stoornis heeft. Het verhaal van je partner en naaste familie is belangrijk om het beeld compleet te maken, vooral als je in een hypomane periode zit. Het verhaal is ook nodig om vast te stellen of de diagnose manisch depressief bij anderen in de familie voorkomt.

De behandeling van de diagnose manisch depressief wordt gedaan door gespecialiseerde centra voor Geestelijke Gezondheidzorg. Aeffectivity helpt je het juiste centrum te vinden.

Wil je meer informatie hebben over manisch depressief zijn?